
‘Het hoboriet was mijn strohalm’
26 augustus 2025 om 20:34 OverigOntwapenende verhalen van en over hoboïst Han de Vries
Door Dick Martens
HEELSUM De Kultuurwerkplaats is een bruisende broedplaats in het hart van Oosterbeek. Daar worden gedurende het jaar diverse en eigenzinnige cultuurprogramma’s aangeboden. Al meer dan 30 jaar wordt er ruimte gemaakt voor het maken en beleven van kunst. Het is een sfeervolle ontmoetingsplek waar iedereen welkom is. Maar afgelopen zondag maakte de Kultuurwerkplaats ‘een uitstapje’ naar Heelsum, want ze gingen ‘de tuin in’, namelijk de schitterende bostuin van Henk Pastoors. Daar werd de wereldberoemde hoboïst Han de Vries, samen met zijn biografe Annemieke Hendriks geïnterviewd door de Oosterbeekse auteur Miriam Guensberg, vaste interviewer van Werkplaats Literair. Het werd een prachtige zonnige middag gelardeerd met emoties, bewondering, hilariteit en mooie muziek.
RASVERTELLER De middag werd geopend door Hans Hermans, die deel uitmaakt van de directie van de Kultuurwerkplaats. ,,Fijn om hier zoveel bekende gezichten te zien, mensen die ook vaak naar onze Werkplaats Literair komen.” Ook Hermans was evenals de talrijke bezoekers overweldigd door de prachtige locatie. Wat volgde was een in alle opzichten indrukwekkende middag, met in de absolute hoofdrol Han de Vries, die en dat bleek al snel, niet alleen een geniaal musicus is, maar ook een rasverteller. ,,Eerlijk en met een flinke dosis zelfspot”, liet Annemieke Hendriks de auteur van de biografie de bezoekers weten. Maar niet alleen de mooie woorden typeerden de hoboïst, maar ook een lied dat Mike Boddé in het televisieprogramma Podium Witteman, bijna tien jaar geleden, ten gehore bracht gaf de genialiteit van de Vries meer dan prachtig weer. ,,Een mooiere inleiding kon ik mij niet bedenken”, vond ook interviewster Miriam Guensberg, die het gevoelige nummer vervolgens uit de luidsprekers liet schallen.
ONTROERING ,,Wanneer je Han de Vries een noot hoort spelen, dan klinkt hij als een echte Han de Vries. Zo smartelijk en vol van zoete wemel. Zo in en in zichzelf en zo precies. Hij heeft ook dat typerende vibrato waaraan je hem onmiddellijk herkent”, waren de openingsstrofes. Maar ook refereerde Boddé aan het spel van de Vries, dat ‘een apart persoonlijk tintje heeft en heel menselijk en expressief is. ,,Alsof je direct wordt aangesproken, als door een echte handgeschreven brief.” Het ontroerde de Vries zichtbaar. Een ontroering die nog een aantal keren de kop op zou steken. Toen het over zijn pijnlijke jeugd als Joodse jongen ging en hoe het hoboriet vervolgens ‘zijn strohalm’ werd. Ook toen hij sprak over de periode dat hij deel uitmaakte van het Concertgebouworkest van Bernard Haitink. Over zijn bewogen leven sprak Hendriks maar liefst vier jaar lang met de Vries en sprak zij met onder andere Vera Beths, Edo de Waart, Elly Ameling en Jaap van Zweden. Dat leverde een onthullend portret op van een eigenzinnig musicus en mens met de sprekende titel: ‘Het hobo-riet was mijn strohalm’.













